Hulpmiddelenzorg: kosten

  • Kosten voor het volledige jaar, bijgewerkt tot en met het 2e kwartaal 2024

  • Voor dit gecorrigeerde meerjarenoverzicht zijn alle kosten ingedeeld volgens de systematiek van 2024, waardoor gecorrigeerd wordt voor administratieve verschuivingen. Klik op onderstaande link voor meer informatie.

Kosten in mln. euro's

2019

2020

2021

2022 *

2023 *

Samengestelde jaarlijkse groei

Hulpmiddelen

€1.570,0

€1.625,4

€1.695,1

€1.764,3

€1.756,6

2,85%

Meerkosten Corona indirect

€0

€4,1

€2,2

€0,4

€0

.

Continuïteitsbijdrage Corona (basisverzekering)

€0

€35,5

€0

€0

€0

.

Totaal

€1.570,0

€1.664,9

€1.697,3

€1.764,8

€1.756,6

2,85%

Bron: Verantwoordingsinformatie Zorginstituut Nederland en declaratiedata zorgverzekeraars (via Vektis), bijgewerkt tot en met het vierde kwartaal 2025
Geactualiseerd op: 06-03-2025

Bekostiging van de hulpmiddelenzorg

Rubriek 8 behandelt de zorgkosten die gemaakt worden met betrekking tot de hulpmiddelen in Nederland. Dit zijn alle hulpmiddelen die verstrekt worden en die, met uitzondering van de eigen bijdrage, onder de dekking van het basispakket van de Zvw vallen. Voor de hulpmiddelen geldt dat er naast een eigen risico voor een aantal hulpmiddelen een eigen bijdrage geldt. Deze is afhankelijk van het type hulpmiddel. Meer detailinformatie over de hulpmiddelenzorg is terug te vinden in de rapportage Hulpmiddelen.

Tarieven

De hulpmiddelenzorg kent functie omschreven prestatietitels met vrije tarieven. Voor een verdere uitsplitsing in aantallen en kosten over de jaren heen, zie rapportage hulpmiddelen.

Beleidswijzigingen in de periode 2019-2023

In de periode 2019 tot en met het jaar 2023 hebben er een paar wijzigingen plaatsgevonden die invloed hebben op de hulpmiddelen.

2019

In 2019 heeft het Zorginstituut vastgesteld dat Flash glucose monitoring (FGM) vergoed moet worden uit het basispakket voor kinderen en volwassenen met diabetes type 1 en 2 met een intensief insulineschema. De vergoeding van FGM voor deze groep patiënten is ingegaan op 10 december 2019.

De volgende groepen komen in aanmerking voor FGM:

  • Patiënten met diabetes type 1 (kinderen en volwassenen al dan niet zwangeren).

  • Patiënten met diabetes type 2 met een intensief insulineschema (dit betreffen niet alle type 2 patiënten).

  • Zwangeren met bestaande diabetes type 2 ongeacht insulinegebruik.

  • Vrouwen met bestaande diabetes type 2 met zwangerschapswens, ongeacht insulinegebruik.

2020

Van 2020 tot en met 2022 bestond de mogelijkheid om extra kosten vanwege de coronapandemie te declareren. Deze kosten zijn onder te verdelen in direct patiëntgebonden kosten en indirecte kosten. De direct patiëntgebonden kosten worden verantwoord via reguliere prestaties en zijn voor de hulpmiddelen niet terug te herkennen in dit rapport. De indirecte coronakosten worden apart verantwoord.

2021

Overheveling aanspraak op voeding en hulpmiddelen totale parenterale voeding (TPV).

Per 2021 vallen de uitgaven voor voeding en hulpmiddelen bij TPV onder de medische-specialistische zorg. Dit heeft tot gevolg dat de aanspraak via de farmaceutische zorg (de voeding) en hulpmiddelenzorg (infuuspomp en toebehoren) komt te vervallen.

Vereenvoudiging aanspraak diabeteshulpmiddelen

Per 2021 worden alle diabeteshulpmiddelen vergoed vanuit het kader hulpmiddelenzorg. Het gaat onder meer om de bloedglucosemeters, insulinepennen, insulinepompen, glucosemonitors (continue glucose monitoring en flash glucose monitoring), ketonen teststrips en alle noodzakelijk toebehoren. De diabeteshulpmiddelen die voorheen onder de medische-specialistische zorg (msz) vielen, zijn overgeheveld naar de hulpmiddelenzorg.

Methodiek Verdiepende analyses zorglasten Zvw 2019-2023

Voor het rapport Verdiepende analyses zorglasten Zvw 2019-2023, welke in 2024 is verschenen, wordt gebruik van gemaakt van declaratiegegevens die verstrekt zijn door de zorgverzekeraars aan het Zorginstituut via Vektis. Ten behoeve van de wettelijke taken worden deze gepseudonimiseerde declaraties gebruikt voor onder meer desbetreffend rapport.

In het tabellenoverzicht zijn de kosten voor de Zvw van 2019 tot en met 2023 te bekijken. Het verschil met deze kosten ten opzichte van de reguliere meerjarentabellen is dat de definitie hoe de kosten verantwoord worden voor elk jaar gelijk zijn aan 2024. Hierdoor wordt gecorrigeerd voor administratieve verschuivingen over de jaren en is het makkelijker om een getrouw beeld te krijgen van de ontwikkelingen vanaf 2019. Op dit moment zijn alle kosten gebaseerd op de ramingen van de zorgverzekeraars uit de tweede kwartaalrapportage van 2024.

Omdat de kosten nog niet uitgedeclareerd zijn, zijn de laatste jaren nog aan verandering onderhevig.