Bekostiging en methodiek Medisch Specialistische Zorg (2025)
Deze pagina beschrijft hoe de medisch specialistische zorg (rubriek 6) wordt bekostigd en verantwoord. De toegepaste methodiek van dit rapport met betrekking tot rubriek 6 staat ook hier beschreven.
- Kosten Medisch specialistische zorg
- Bekostiging van de medisch specialistische zorg
- Tarieven
- Beleidswijzigingen in de periode 2020-2024
- Methodiek Verdiepende analyses zorglasten Zvw 2020-2024
- Voetnoten
Kosten Medisch specialistische zorg
Geraamde kosten voor het volledige jaar
Kosten in mln. euro's | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 * | 2025 * | Samengestelde jaarlijkse groei |
|---|---|---|---|---|---|---|
Specialisten mondziekten en kaakchirurgie | €268,2 | €290,2 | €328,1 | €360,8 | €385,6 | 9,50% |
SKION en NTS | €5,9 | €11,8 | €12,4 | €13,5 | €13,3 | 3,54% |
Eerstelijnsdiagnostiek | €309,5 | €349,7 | €394,0 | €414,3 | €446,0 | 6,39% |
Overige zorgproducten | €906,5 | €931,1 | €1.033,8 | €1.178,1 | €1.243,8 | 8,23% |
Add-ons dure geneesmiddelen | €2.561,5 | €2.544,0 | €2.624,3 | €2.701,4 | €2.694,7 | 1,28% |
Add-ons Intensive Care | €1.138,7 | €1.020,1 | €1.154,3 | €1.217,7 | €1.282,7 | 3,02% |
Integrale kosten DBC-zorgproducten gereguleerde segment | €3.480,1 | €3.644,5 | €3.866,1 | €4.177,8 | €4.390,4 | 5,98% |
Integrale kosten DBC-zorgproducten vrije segment | €16.285,9 | €17.380,7 | €18.917,3 | €20.485,5 | €21.675,5 | 7,41% |
Integrale kosten extramuraal werkende medisch specialisten | €77,0 | €92,9 | €113,3 | €131,3 | . | . |
Meerkosten Corona indirect | €239,8 | €168,1 | . | . | . | . |
Meerkosten Corona toeslagen | €428,9 | €225,3 | €103,7 | . | . | . |
Continuïteitsbijdrage Corona | €287,5 | . | . | . | . | . |
Totaal | €25.989,6 | €26.658,6 | €28.547,3 | €30.680,5 | €32.132,0 |
* De twee meest recente jaren zijn nog niet uitgedeclareerd en zijn aan verandering onderhevig.
Bron: Verantwoordingsinformatie Zorginstituut Nederland en declaratiedata zorgverzekeraars (via Vektis), bijgewerkt tot en met het 4e kwartaal 2025
Geactualiseerd op: 06-03-2026
Bekostiging van de medisch specialistische zorg
Op de tabelpagina's van rubriek 6 zijn de zorglasten te vinden die gemaakt worden met betrekking tot de medisch specialistische zorg (MSZ) in Nederland. Dit is alle zorg die via de ziekenhuizen en zelfstandige behandelcentra (ZBC’s) en door (huisartsen)laboratoria in het kader van eerstelijns diagnostiek verstrekt worden en welke vallen onder de dekking van het basispakket van de Zorgverzekeringswet (Zvw).
De zorg wordt bekostigd via de zogenaamde Diagnose-Behandelcombinatie (DBC) structuur. Deze zorgproducten worden afgeleid door een zogeheten grouper uit geregistreerde zorgactiviteiten en diagnoses. Daarnaast zijn er overige zorgproducten (OZP's) waarop gedeclareerd kan worden (zie voetnoot 1).
De kosten van de MSZ vallen onder het eigen risico. Voor een bevalling in het ziekenhuis zonder medische indicatie geldt bovenop het eigen risico een eigen bijdrage.
In de kostentabellen op Zorgcijfersdatabank wordt een uitsplitsing gemaakt in de volgende categorieën:
Kosten in mondziekten en kaakchirurgie: deze categorie omvat kosten van de specialisten voor mondziekten en kaakchirurgie. Kaakchirurgie werkt niet met een DBC-structuur, maar met OZP's.
Overige kosten ziekenhuiszorg en curatieve zorg: deze categorie omvat ook het grootste deel van de eerstelijnsdiagnostiek, het deel dat door huisartsenlaboratoria en trombosediensten geleverd is (met uitzondering van productiesamenwerkings- verbanden). Daarnaast worden de betalingen aan de Nederlandse Transplantatie Stichting (NTS) en tot 2022 de Stichting Kinderoncologie Nederland (SKION) hier verantwoord.
Overige zorgproducten: deze categorie bevat de meeste van de overige zorgproducten (OZP’s), behalve de add-ons (categorie 612) en een aantal uitzonderingen. Tevens zijn hier de kosten voor eerstelijnsdiagnostiek te vinden die gedaan zijn door ziekenhuizen en productiesamenwerkingsverbanden.
Kosten add-on’s dure geneesmiddelen: deze categorie bevat de zogeheten add-ons voor dure (wees) geneesmiddelen. Het ministerie van VWS maakt prijsafspraken met farmaceuten om zo de kosten te drukken. Desondanks is dit de snelst groeiende categorie binnen de MSZ. Deze categorie bevat sinds 2019 ook de stollingsfactoren die eerder bij de Overige zorgproducten categorie werden verantwoord. In de tabelpagina's van deze rapportage wordt hiervoor gecorrigeerd en zijn de stollingsfactoren in alle jaren bij de dure geneesmiddelen gezet. Dit zorgt voor een afwijking met de reguliere jaartabellen. De extramurale dure geneesmiddelen worden verantwoord onder de farmaceutische zorg.
Kosten add-ons IC: deze categorie bevat de zogeheten add-ons voor IC zorgprestaties. IC-zorg wordt apart bekostigd en kan parallel gedeclareerd worden met andere zorgproducten.
Kosten van DBC-zorgproducten in het gereguleerde segment: deze categorie bevat alle DBC-producten die een vast tarief hebben.
Kosten van ’DBC-zorgproducten in het vrije segment: deze categorie bevat alle producten met een variabel tarief.
Kosten en honoraria extramuraal werkende specialisten: hieronder vallen de kosten van DBC-zorgproducten en OZP's die in rekening gebracht zijn door extramuraal werkende specialisten in een solopraktijk. In 2023 heeft het Zorginstituut de definitie van Extramuraal werkende specialisten aangescherpt, als extra conditie is opgenomen dat de praktijken een EMS-kwalificatie van Vektis hebben ontvangen. Omdat het Zorginstituut op basis van de beschikbare informatie de declaraties niet op dezelfde manier kan indelen als de zorgverzekeraars, kunnen de kosten van extramuraal werkende specialisten niet op vergelijkbare wijze worden uitgesplitst en toegelicht als de overige categorieën, de tabellen zijn hierdoor minder gedetailleerd.
Tarieven
Er gelden door de NZa vastgestelde maximumtarieven voor de kaakchirurgie, overige kosten en OZP's, voor add-ons en voor sommige DBC-zorgproducten in het gereguleerde segment. De meerderheid van de DBC-zorgproducten kent tarieven die vrij onderhandelbaar zijn en onder het vrije segment vallen.
Voor de add-ons geldt dat er speciale afspraken zijn voor sommige dure geneesmiddelen via het Ministerie van VWS. Deze kortingen worden op macroniveau op de categorie ’kosten add-ons dure geneesmiddelen’ verwerkt door de verzekeraars, deze zijn niet verwerkt op declaratieniveau, maar worden in dit rapport wel meegenomen door de algemene correctie naar de officiële schadelastcijfers.
Beleidswijzigingen in de periode 2020-2024
Hieronder worden de belangrijkste beleidsveranderingen in de periode 2019-2023 beschreven. Voor alle wijzigingen en een uitgebreide omschrijving verwijzen we u naar de beleidsregel medische specialistische zorg van de Nederlandse Zorgautoriteit.
2021
Facultatieve prestaties
Vanaf 2021 hebben zorgverzekeraars en zorgverzekeraars de aanvullende mogelijkheid om zorg binnen de MSZ te bekostigen middels facultatieve prestaties (zie voetnoot 2). Met de facultatieve prestatie kunnen zorgverzekeraars en zorgaanbieders afspraken maken over (nieuwe) initiatieven die lastig te bekostigen zijn met de reguliere DBC's. De facultatieve prestatie bestond al in een aantal andere zorgsectoren. In onderstaande tabel 1 zijn de kosten van facultatieve prestaties vanaf introductie opgenomen. De volledige lijst van goedgekeurde facultatieve prestaties vindt u hier.
Tabel 1. Gedeclareerde lasten facultatieve prestaties
Bedrag 2021 | Bedrag 2022* | Bedrag 2023 | |
Facultatieve prestaties | € 1.978.405 | € 4.865.725 | € 2.927.037 |
*inclusief telemonitoring, dat in 2023 is overgegaan naar de reguliere bekostiging.
Bron: declaratiedata zorgverzekeraars (via Vektis), geactualiseerd in juli 2024.
2023
Telemonitoring
Per 1 januari 2023 is telemonitoring, waarbij medisch specialisten patiënten op afstand monitoren en patiënten zelf hun metingen uitvoeren, toegevoegd als prestatie in de reguliere bekostigingssystematiek van de medisch specialistische zorg. In 2022 werd telemonitoring mogelijk gemaakt met facultatieve prestaties (zie voetnoot 2).
Tabel 2. Gedeclareerde lasten telemonitoring
Bedrag 2022* | Bedrag 2023 | Bedrag 2023 Q3 '24 | |
Telemonitoring | € 2.908.422 | € 14.146.554 | € 19.514.201 |
*in 2022 was telemonitoring nog onderdeel van de facultatieve prestaties.
Bron: declaratiedata zorgverzekeraars (via Vektis), geactualiseerd in juli 2024 (Q2).
Het bedrag bij 2023 Q3 '24 voor telemonitoring is geactualiseerd in december 2024.
Kostendefinitie Extramuraal werkende specialisten
Per 2023 heeft het Zorginstituut de definitie van kostencode 619 aangescherpt, waarbij alleen de MSZ kosten van ZBC’s met de Vektis AGB-kwalificatie 2270 ‘Extramuraal werkend specialist’ mogen worden verantwoord onder kostencode 619. In de onderstaande tabel is te zien dat dit pas in 2024 heeft geleid tot een forse afbuiging van de kostentoename.
Kosten | 2021 | 2022 | 2023 | 2024 | 2025 |
|---|---|---|---|---|---|
Integrale kosten extramuraal werkende medisch specialisten | €76,9 | €92,9 | €113,3 | €131,3 | . |
Methodiek Verdiepende analyses zorglasten Zvw 2020-2024
Voor de verdiepende tabellen wordt gebruik van gemaakt van declaratiegegevens die verstrekt zijn door de zorgverzekeraars aan het Zorginstituut via Vektis. Ten behoeve van de wettelijke taken worden deze gepseudonimiseerde declaraties gebruikt voor onder meer desbetreffende tabellen.
Omdat de kosten nog niet uitgedeclareerd zijn, zijn de laatste jaren nog aan verandering onderhevig. Tevens is het meest recente jaar (en in sommige gevallen ook eerdere jaren) nog leeg gelaten op de diepere niveaus, omdat er te weinig declaraties zijn.
Voetnoten
Nederlandse Zorgautoriteit. DBC-pakket 2025. Zie: Dbc-pakket 2025 integraal - Nederlandse Zorgautoriteit
Goedgekeurde aanvragen facultatieve prestaties MSZ.
Zie: Goedgekeurde aanvragen | Medisch-specialistische zorg | Nederlandse Zorgautoriteit (nza.nl)