Monitor verblijfsduur Wlz 2015-2024
Jaarlijks verlaten circa 50.000 cliënten het verpleeghuis, voornamelijk door overlijden. Sinds 2019 is de instroom van nieuwe cliënten groter dan de uitstroom (behalve in 2020 door COVID-19), zie Tabel 1. In de periode 2015–2018 was dit juist andersom.
- Tabel 1. Sinds 2019 is de instroom groter dan de uitstroom van verpleeghuisbewoners
- Figuur 1. Ontwikkeling in de verblijfsduur van de totale groep verpleeghuisbewoners (zorgprofiel VV4 t/m VV10) over de jaren 2015-2024
- Figuur 2. Ontwikkeling in de verblijfsduur van de totale groep verpleeghuisbewoners (zorgprofiel VV4- VV10) die uitstromen in de jaren 2015-2024
- Bijlagen
Tabel 1. Sinds 2019 is de instroom groter dan de uitstroom van verpleeghuisbewoners
| Jaar | Uitstroom | Instroom |
|---|---|---|
| 2015 | 47.442 | 39.052 |
| 2016 | 45.967 | 41.173 |
| 2017 | 46.420 | 43.702 |
| 2018 | 48.060 | 47.640 |
| 2019 | 47.250 | 47.683 |
| 2020 | 54.420 | 50.041 |
| 2021 | 51.235 | 52.415 |
| 2022 | 51.832 | 54.879 |
| 2023 | 51.705 | 53.930 |
| 2024 | 52.900 | 54.295 |
De bewonerspopulatie bestaat uit verschillende zorgprofielen. Het grootste deel stroomt in met een beschermd wonen met intensieve dementiezorg (VV5) profiel. Sinds 2019 daalt het aandeel cliënten dat instroomt met een VV4 profiel (beschut wonen met intensieve begeleiding en uitgebreide verzorging), terwijl het aandeel cliënten met een VV9 profiel (herstelgerichte behandeling) of een VV5 profiel toeneemt.
In deze rapportage analyseren we de verblijfsduur van verpleeghuisbewoners met twee benaderingen: de vooruitkijkmethode (tellen vanaf de eerste instroom) en de terugkijkmethode (tellen vanaf de laatste declaratie). De uitkomsten verschillen omdat beide methoden een andere cliëntenpopulatie per jaar selecteren.
Tussen 2015 en 2024 is de verblijfsduur van de totale groep verpleeghuisbewoners (zorgprofielen VV4 tot en met VV10) nauwelijks veranderd. Het aandeel cliënten met een korte verblijfsduur (<3 maanden) is vergelijkbaar met dat van cliënten met een verblijfsduur van 12–24 maanden en >48 maanden (zie Figuur 1 voor vooruitkijkmethode en Figuur 2 voor terugkijkmethode). De vooruitkijkmethode toont daarbij een lichte stijging van het aandeel cliënten met een korte verblijfsduur.
Figuur 1. Ontwikkeling in de verblijfsduur van de totale groep verpleeghuisbewoners (zorgprofiel VV4 t/m VV10) over de jaren 2015-2024

Figuur 2. Ontwikkeling in de verblijfsduur van de totale groep verpleeghuisbewoners (zorgprofiel VV4- VV10) die uitstromen in de jaren 2015-2024
Het zorgprofiel waarmee cliënten het verpleeghuis instromen heeft grote invloed op de verblijfsduur. Cliënten met VV4 en VV7 verblijven het langst, gevolgd door VV5, VV6, VV8 en VV9. Bewoners met VV10 (palliatief terminale zorg) verblijven het kortst: 85–90% maximaal drie maanden.
De gehele rapportage staat in bijgevoegde PDF. U kunt voor vragen met betrekking tot deze rapportage contact opnemen via het contactformulier.